
Irritant, ik weet nooit hoe ik een verhaal moet beginnen en deze keer al helemaal niet. Ik probeer altijd te openen met iets pakkends als "Maleisie en Singapore, de eindbestemming van mijn laatste reis", of "Na twee en een halve rondreizen...", maar ik vind beide openingen bagger, dus zal ik maar gewoon lekker met de deur in huis vallen.
Maleisie is een heel mooi land, althans van wat ik gezien heb. De mensen zijn bijzonder vriendelijk, de natuur is prachtig en het eten is heerlijk. Even wat algemene info: Maleisie is behoorlijk klein en heel makkelijk om in rond te reizen. De mensen spreken over het algemeen behoorlijk goed Engels en ze gebruiken het westers alfabet, dus dat maakt het makkelijk om iets op te zoeken. De bevolking is divers: Maleisiers, Indiers, Chinezen en Moslims. Het is mooi te zien hoe hier alles vredig naast elkaar leeft. Ik herhaal: naast elkaar leeft, niet met elkaar. Ze doen absoluut niet aan kruisbestuiving. Hoewel het rondreizen heel makkelijk is, heb ik zelden zo'n ongeorganiseerd transportsysteem gezien. Ik weet niet hoeveel maatschappijen lopen aan je te trekken om een buskaartje te verkopen, vooral in Kuala Lumpur. De temperatuur is hier behoorlijk bedrukkend. 32 graden met een behoorlijke luchtvochtigheid is hier normaal. Peentjes zweten dus.
Kuala Lumpur is de hoofdstad, niet bijzonder, beetje vervuild door de smog, dus twee dagen is genoeg. Daarna heb ik een ronde gemaakt door de Cameron Highlands, Perhintian Islands, Kuala Terangganu en Melakka. De Cameron Highlands waren prachtig en de temperatuur was heerlijk, zo'n graadje of 16. Heerlijk om actief te kunnen zijn. De Perhintian Islands in het noord-oosten waren nog mooier. Die waren het absolute hoogtepunt van Maleisie. Daar is het geoorloofd om heerlijk niets te doen, een beetje te snorkelen en te duiken. Snorkelen is hier trouwens erg verraderlijk. Tijdens mijn gesnorkel voelde ik helemaal niets van de zon die mijn rug aan het aanbranden was. Lieber Gott, de dag daarop kon ik helemaal niets meer. Terangganu was niets bijzonders, maar Melakka was weer uniek. Melakka is gekoloniseerd geweest door de Portugezen, Nederlanders en de Engelsen, dus het is wel interessant om onze historie daar te zien. Uiteraard waren we grote klootzakken die hele dorpen hebben platgebrand, zoals iedere plek die we bezet hebben, maar desalniettemin hebben ze ons een respectabele plek in hun historie gegeven.
Twee weken Maleisie was wel genoeg. Er zijn nog een paar plaatsen die ik ook aangedaan had kunnen hebben, maar daar had ik eerlijk gezegd geen zin meer zin. Woensdagavond kwam ik aan in Singapore, een stad-land... land-stad... Hoe dan ook, het is het volledig autonome stad met een eigen regering, munteenheid etc. Heel apart in ieder geval. Singapore lijkt in zekere zin op Maleisie: er lopen overal Chinezen en Indiers rond, ook veel blanken trouwens, maar het is veel georganiseerder en schoner. Niet dat Maleisie smerig is, integendeel, maar Singapore is extreem schoon. Je krijgt hier belachelijke boetes als je iets op de grond gooit, maar het werkt blijkbaar wel. Het eten is trouwens net zo lekker als in Maleisie, alleen wat duurder. Ik had Singapore wel duurder verwacht. Het is zeer zeker duurder dan Azie, maar een stuk goedkoper dan Nederland.
Nu komt het sentimentele deel, het deel waarin ik geacht word iets diepzinnigs te zeggen. Ik zal mijn best doen... De vorige keer had ik al beschreven dat ik deze reis meer zag als een vakantie dan als een manier van leven en dat gevoel heb ik nog steeds. Rondreizen is super, maar ik ben er nu wel klaar mee, op een fijne manier. Ik kan er nog steeds erg van genieten, maar ik heb nu meer zin om naar huis te gaan. Als er een ding is dat ik wijzer ben geworden, is dat de lucht overal hetzelfde is. Waar je ook komt, mensen zijn mensen, ze hebben dezelfde "gelukken" en problemen als ieder ander, alleen in een ander jasje. Uitzonderingen daargelaten zijn mensen in China of Thailand echt niet spiritueler dan in Nederland en om eerlijk te zijn ben ik erachter gekomen dat, als ik me ergens wil settelen, ik dat voorlopig in Nederland wil doen. Laat ik maar eerst leren om van mijn eigen land en familie te genieten, voordat ik weer gek ga doen en ergens anders iets ga opbouwen. Ik zeg trouwens niet dat het gaat gebeuren, maar het is zeker een optie. Mijn leven kan alle kanten op gaan en het voelt heerlijk om de baas over mijn avontuurlijke leven te zijn.
Dit is mijn laatste verhaal. Dit betekent niet dat ik niet meer ga rondreizen, maar de volgende keer zal het iets worden in de vorm van een avontuurtje in de zomervakantie of iets dergelijks. In ieder geval zal ik niet meer zo snel mijn baan, huis, familie en vrienden achterlaten om lol te gaan trappen in de verre uithoeken van de wereld. Hopelijk heeft iedereen een beetje beter beeld gekregen van de prachtige wereld om ons heen en daarbij ook nog een beetje kunnen genieten van mijn geschrijf.
Dank jullie wel dat jullie me gevolgd hebben en tot snel in levende lijve...
Het was best lekker om weer terug in Thailand te zijn. Het straatvoer was precies zoals ik het me herinnerde, de mensen waren bijzonder aardig zoals gewoonlijk en Thailand blijft spotgoedkoop. Toch voelde het anders dan de eerste keer, maar ik kon niet precies aangeven waardoor dat kwam. Nu weet ik het wel, maar deze conclusie bewaar ik tot het einde van het verhaal.
Mijn enige doel was om Ineke op te zoeken in de grensplaats Mae Sot, dus op mijn derde ochtend in Bangkok stapte ik op de bus. De rit naar de grens met Myanmar (Birma) duurde zo'n 8,5 uur. 8,5 uur is op zich al best lang om in de bus te zitten, maar wordt nog langer als je een krijsbaby een paar stoelen achter je hebt zitten. Ik ben een kindervriend, maar dit geval mocht van mij echt het raam uit. Gelukkig was er een vrouw met kinderervaring (de moeder had dit duidelijk niet, arm mens) die het kind bij tijd en wijle wist te sussen. Hoe dan ook, ik was heel blij toen ik aankwam in Mae Sot. Al schreeuwend verdween het kind per taxi in de verte en ik kon eindelijk even genieten van mijn rust, terwijl ik wachtte op Derina uit Ierland die mij zou komen ophalen. Binnen een kwartier was ik bij het huis en kon ik mezelf gaan installeren.
Ineke zou pas twee later weken aankomen, dus gedurende die tijd had ik het huis voor mezelf. Op zich heerlijk, maar er was alleen maar een douche en toilet, dus voor de overige basisbehoeften moest nog gezorgd worden. Lang verhaal kort: Ventilator, wc-papier, matrasje een kussen, stroomkabels en prullenbakken stonden bovenaan het verlanglijstje. In Mae Sot wonen wordt al snel saai als je niets te doen hebt. Via Ineke had ik contacten gekregen binnen een school voor Birmese vluchtelingen, genaamd Hsa Mu Htaw, dus hier stond ik twee dagen later op de stoep. Het is echt onbeschrijfelijk wat hier gebeurde: Als lange Hollander kom je aan met je veel te kleine fietsje en direct komen er ergens tussen de twee en acht (verschilt per dag) kinderen aanrennen om je fiets en je tas aan te nemen, die ze voor je wegzetten. Ik was meteen verliefd! Het schoolhoofd kwam ook al meteen aanlopen om me te ontvangen, een ander kind kwam met een doos tissues aanlopen tegen het zweet dat zich inmiddels over mijn hele lijf had verspreid en de overige leraren waren simpelweg heel vriendelijk en hartelijk. Tijdens de lunch bespraken we wat we gingen doen. Geweldige strategie: Als je iets van me gedaan wilt krijgen, bespreek dit dan tijdens het eten. Het plan was dat ik de volgende dag mee zou lopen om te observeren en daarna zou ik 6 uurtjes in de week Engels gaan geven. Niet veel, maar beter dan niets!
Het lesgeven is heel apart, heel basaal. De kinderen kennen heel weinig Engels, dus moet ik heel veel gebruik maken van afbeeldingen, gebaren en herhaling, veel herhaling. Het belangrijkste is nog wel om het simpel het houden. Naast een school, is Hsa Mu Htaw ook een thuis voor zo'n twintig kinderen, die hier iedere dag slapen, omdat hun ouders geen tijd hebben vanwege werk (ze werken belachelijk lang voor belachelijk weinig geld) of omdat ze gewoonweg geen ouders meer hebben. Hun levensvreugde en vriendelijkheid is (of zo lijkt het in ieder geval) niet minder om. Zelf blijf ik ook sporadisch op school overnachten. Sterker nog, op dit moment zit ik in de computerruimte, waar ook mijn bed is opgemaakt, dit verhaal te typen, met het Boeddhistisch avondgebed als mijn achtergrondbegeleiding en muggen en een duizendpoot om mij gezelschap te houden.
Vorige week zaterdag kwam Ineke aan en de bedoeling was dat we samen een tijdje in het huis zouden gaan wonen. Hier wil ik eigenlijk geen woorden aan vuil maken, maar het komt erop neer dat ik na vijf dagen een andere slaapplaats mocht gaan zoeken. Nog meer reden om hier op school te overnachten.
Ik heb veel en lang nagedacht over wat ik eigenlijk wil gaan doen. Hier in Mae Sot blijven om les te blijven geven? Verder reizen door Zuid-Oostazie? Naar huis komen zodra mijn visum verlopen is? Naar een ander werelddeel afreizen? De beslissing werd een stuk makkelijker gemaakt door het bericht dat oma een hartaanval had gehad (ze is weer op de been gelukkig): Na Thailand ga ik nog heel even naar Maleisie en Singapore en 2 oktober kom ik naar huis. Eindelijk is de knoop doorgehakt en voor de eerste keer sinds een lange tijd slaap ik weer echt lekker.
Ik ben jullie nog een conclusie verschuldigd, met de reden waarom Thailand dit keer anders aanvoelde. De eerste keer in Thailand voelde het als een groot avontuur, een waarvan ik geen genoeg kon krijgen. Alles was geweldig. Deze keer voelde het echter meer als een vakantie. Eigenlijk voelde het al langer als een vakantie, al vanaf China. Als je de prijzen blijft vergelijken met Nederland, dan weet je opbewust dat je niet voor een lange tijd wilt blijven. Ook al was er niets met oma gebeurd, zou ik waarschijnlijk dezelfde keuze hebben gemaakt. Ik ben kortweg zo'n beetje klaar met rondreizen en uit een rugzak leven. Ik wil wel dit deel van Zuid-Oostazie even afmaken en dan is het mooi geweest...
Dit verslag wordt een verslag van een periode waarin weinig nieuws is gebeurd, maar als ik te lang wacht worden er mensen ongeduldig en krijg ik dreigmails waarin ze me bedreigen. Bovendien, als ik nog twee weken wacht, weet ik niet meer dat er in de afgelopen periode niets bijzonders is gebeurd. Met andere woorden, dit verhaal wordt net als een sportverslag: Iedere kleine gebeurtenis wordt opgeblazen alsof het iets geweldigs is.
Na vertrek van de twee Chinezen was ons Nederlands Wing Chunteam nog maar drie man sterk: Mark, Jean-Paul (hierna te noemen: JP) en ondergetekende. Maar eigenlijk was dit wel fijn, want dat betekende meer persoonlijke aandacht van de 64-jarige Sifu, die toch al zo'n moeite had met zijn lessen goed te organiseren voor vijf man. Dit had echter ook een downside: Met JP kon ik het echt niet vinden. Hij had verwacht om alleen les te krijgen en om het nog leuker te maken oefenden we in "zijn" appartement. De irritatie tussen ons was dan ook duidelijk te proeven en die resulteerde dan ook in een stoot op mijn Jerommekeborstkas tijdens een routine-oefening. Hij deed zich niet eens de moeite om zich te beheersen en het leek er ook niet op dat hij er op een of andere manier spijt van had. Maar goed, de Sifu zag het ook en de afkeurig die zijn gezicht uitstraalde vond ik eigenlijk wel genoeg. Niemand wordt er gelukkiger van als we ons als een stel kleine kinderen gaan gedragen. Ik besloot om hem verder gewoon te negeren en alleen als de Sifu dat vroeg om met hem te oefenen.
De training verliep verder prima: Ik heb geleerd om me te verdedigen tegen personen die kleiner zijn dan ik (groter zijn moeilijk te vinden in China), de omtrek van mijn armen is 10cm groter en ik kan nu door een muur slaan. Het eten in Foshan was ook erg lekker, alhoewel al die restaurants zo langzamerhand wel mijn oren uitkwamen. Mijn opa zaliger zei altijd: "Als het eten je de verkeerde kant uitkomt, is het tijd om te gaan", dus stapte ik gisteravond op het vliegtuig naar Bangkok. Ik heb trouwens wel nog zeven liter zweet uit mijn t-shirt kunnen wringen van de zenuwen, want ik had niets geregeld voor Thailand: Geen visum en geen terugvlucht. Gelukkig ben ik een knappe jongen en was de stempelmadam oud en versleten, dus een fliterige lach was genoeg om een 30-dagenstempel te krijgen. Lang leve Thailand!
In de laatste week zijn al mijn plannen weer gewijzigd, ik zei het jullie nog. In plaats van direct naar het zuiden af te reizen, blijf ik zeker een maand in Thailand. Nu zit ik in Bangkok, maar overmorgen vertrek ik naar Mae Sot. Het plan was dat ik Ineke (oude scoutingvriendin) zou gaan bezoeken, maar nu ben ik al eerder dan haar daar. De schat laat me in haar (nog) lege huis slapen, wat betekent dat ik hoogstwaarschijnlijk aan het werk gezet wordt om alvast de boel voor haar in te richten. Ja, ze heeft het goed voor elkaar. Ik ga ook lesgeven in Mae Sot, als ik het goed heb begrepen Engels en rekenenen misschien nog wat meer. Ik ga weer een leuke en leerzame tijd tegemoet...
In Zuid-Korea had ik alles gedaan wat de moeite waard was: na mijn laatste verhaal ben ik nog naar de DMZ (DeMilitairised Zone (de bufferzone tussen Noord- en Zuid-Korea)) geweest en dat was het zo'n beetje. Het is voor de backpacker echt aan te raden om dat niet vanuit Seoul te doen, want daar betaal je je bont en blauw aan een toer, maar vanuit het noord-oosten. Daar kun je makkelijk met het openbaar heel dichtij komen en bij het afzetpunt, moet je natuurlijk wel vriendelijk blijven lachen, krijg je zo een lift naar de DMZ. Ideaal en lekker avontuurlijk. Seoul viel tegen toen ik daar weer terug kwam. De eerste impressie was er vanaf en ik had nu ook meer van het mooie land gezien. Daarnaast was het weer gewoonweg bagger, dus was ik voor de helft van mijn tijd gedwongen tot binnen blijven en prutsen op internet.
De vlucht van Seoul naar Hong Kong, via Shanghai verliep zonder problemen. Mijn bagage ophalen verliep zonder problemen. Transport naar Foshan verliep zonder problemen: er was zelfs een directe bus vanaf het vliegveld. De grens oversteken van Hong Kong naar China (bij Shenzhen) was een ramp. In Shanghai hadden ze namelijk mijn paspoort bestempeld toen ik aankwam en een uur later toen ik weer vertrok. Ze verzekerden me op het vliegveld dat, als je China binnen 24 uur weer verlaat, je geen visum nodig hebt en dat die stempels ook niet zouden worden gezien als verblijf in het land. Nou, vertel dat die douanebeambten maar. Mijn God, wat een randdebielen waren dat zeg. Als je mensen aan de grens laat werken, zorg er in ieder geval voor dat ze weten hoe het systeem werkt. Drie kwartier lang zat ik in de bus te wachten, zwetend en zeikend van de zenuwen, om uiteindelijk te horen dat het goed was. Ze hadden gewoon een mooie stempel met "cancel" door mijn oude stempels gezet en het probleem was opgelost. Ik voelde me trouwens ook best lullig ten opzichte van de andere passagiers in de bus, die samen met mij braaf op mijn paspoort mochten wachten.
's Avonds laat kwam ik aan in Foshan bij een hotel en daar werd ik opgehaald door de meester die mij zou trainen. Zijn Engelse naam is Benjamin Lu, maar ik hou het gewoon op shifu. Hij is een man van +/- 1,70m, 64 jaar (waarvan 50 jaar Wing Chunervaring), maar hij ziet eruit als 50. Als ik over 35 jaar ook zo uitzie, geef ik een groot feest. We trainen met een kleine groep van eerst 4, dan 5 en nu 3 (Nederlanders!) man, dus de begeleiding is geweldig en de onderlinge band is ook behoorlijk sterk, ook al is de kans op irritatie ook best aanwezig. We trainen iedere dag van 10.00-11.30u en van 15.00-16.30u in een klein appartment met een ventilator. Die is ook wel nodig, want het is hier nu hondsbenauwd. Daarnaast doen we nog oefeningen voor onszelf in de ochtend- en avonduren. Drie uur per dag trainen klinkt in eerste opzicht alsof je behoorlijk veel vrije tijd hebt, maar de dagen vliegen voorbij. Iedere dagen lunchen en dineren we met z'n allen en per maaltijd ben je hier in China makkelijk een uur tot anderhalf uur kwijt. Op zich is het wel gezellig en als je met z'n allen eet, krijg je ook veel variatie (iedereen bestelt een gerecht en daar kan iedereen van pikken), maar soms is het ook wel wat veel van het goede. Vaak geef ik meer geld uit dan ik zou willen(sorry, ik blijf een backpacker), omdat anderen vlees bestellen en ik heb soms ook het gevoel dat ik geleefd word, omdat anderen veel keuzes voor mij maken. Gelukkig houdt de gezelligheid en het lekkere/goede eten de overhand, dus is dat een offer dat ik best kan brengen. Nieuwsflits: Ik ben weer begonnen met een beetje vlees te eten. Ik heb het ook wel nodig, omdat de trainen toch best intensief en ik betaal er ook voor. Maar vegetarisch blijft toch mijn favoriet. Macht aan de groente!!
Even nog wat meer achtergronden over Foshan. Foshan (spreek trouwens uit: Fosan) is de geboorteplaats van Ip Man, de meester van Bruce Lee, die hier Wing Chun onderwees. Er zijn verschillende theorieen over het ontstaan van deze vechtkunst, maar de waarheid is in de geschiedenis verloren gegaan. Wel is zeker dat Wing Chun de naam van de vrouw (!) is die deze kunst in China openbaar maakte. Het is dan ook ontwikkeld door (of voor) een vrouw om zich te kunnen weren tegen veel sterkere mannen. Ik had verwacht dat er veel meer Kung Fuscholen in deze stad zouden zijn, maar dat valt reuze mee. Ook is het lang niet zo toeristisch als ik had verwacht, behalve dan het Ip-Man memorial. Voor iedereen die de film Ip-Man heeft gezien: Fosah ziet er absoluut NIET zo uit als in de film. Een aantal decennia geleden hebben ze alle oude huizen afgebroken en vervangen door nieuwbouwwoningen (die er nu inmiddels weer uitzien als puin (foto's komen later)), waardoor er niets is overgebleven van de oude stijl, iets waar ze nu wel spijt van hebben. In de film woonde Ip Man overigens in een groot huis. Dat is ook niet waar, hij scheen behoorlijk arm te zijn. Shifu woonde in dezelfde straat als hij, voordat Ip Man naar Hong Kong verhuisde en daar was niets rijks aan. Voor de goede orde: Shifu is niet getraind door Ip Man, maar door iemand van een andere Wing Chunstijl, die wel gestudeerd had onder Ip Man.
Over twee weken vlieg ik naar Thailand. Ik wilde eerst naar Indonesie vliegen, maar na wat zoeken vond ik een vlucht naar Bangkok voor 224USD. Wel de moeite waard om mijn plannen wat om te gooien. Ik ben dus nu van plan om via Thailand naar Maleisie, Singapore en Indonesie te gaan. Ik ben benieuwd hoe lang dit plan stand houdt.....
Zuid-Korea, het land in Azie dat het meest on-Azie is en tegelijkertijd niet typischer Aziatisch kan zijn... Een kleine drie weken geleden landde mijn vliegmasjien in haar hoofdstad Seoul (spreek uit als het Engelse "soul") en ik was, na mijn verblijf van twee maanden in China, helemaal overdonderd door de orde, schoonheid en de balans tussen mens en natuur. Ze bebouwen hier alleen maar wat nodig is en de rest laten ze staan. Als je aan de kant de stad uitgaat, zit je direct in de bergen en aan de andere kant ben je op het platteland.
Na vier dagen Seoul wilde ik naar Gwangju, in het zuid-westen, maar Koreaans is best een moeilijke taal en na een busrit van vier uur zat ik in Geongju, helemaal in het oosten. Gelukkig was ook dit een mooie plek, er waren hostels en ik had mijn gevoel voor humor nog niet verloren, dus probleem opgelost. Geongju is een historische stad, vol tempels en tombes. De tombes zijn trouwens allemaal bedekt door heuvels, of eigenlijk, de heuvels zijn de tombes. Het duurde wel even voordat ik dit concept doorhad.
Eigenlijk wilde ik een ronde maken door Zuid-Korea, maar door deze omweg moest ik een zandloper maken. Na Geongju ging ik via Daegu (maar door de regen zag ik alleen maar de binnenkant van mijn motelkamer), naar Busan, Gwangju (eindelijk!), Jeonju en nu zit ik in een geweldig hostel in Sokcho. Het regent nu pijpenstelen, dus ik zit nu heerlijk binnen, al muziek luisterend dit verhaal te typen (voor de tweede keer!) te bedenken wat ik vanavond ga doen. Waarschijnlijk wordt het een filmpje kijken met een bak noodles op mijn schoot.
Terugkomend op mijn openingszin: Zuid-Korea is een hypermodern land, alles gebeurt automatisch. Mocht Skynet (zie Terminator 1 t/m 4) ooit de boel overnemen, dan is Zuid-Korea het tweede land (Japan is nummer 1) dat eraan gaat. In de steden waan je je dan ook echt in het westen: de kledingwinkels, telefoonwinkels, bussen, gelukkig zijn de prijzen niet helemaal westers, maar het zit er niet ver vanaf. Er zijn wel overal marktkraampjes die je weer helpen herinneren dat je toch in Azie bent. Maar ondanks de moderniteit hechten de Koreanen nog zeer veel waarde aan tradities: iedereen doet binnen (dus ook in restaurants en hotels) de schoenen uit, koppels mogen niet alleen lekker samen zijn voordat ze getrouwd zijn en buigen tijdens het groeten wordt als zeer respectvol gezien. Ook zijn regels enorm belangrijk. Stoplichten zijn hier verschrikkelijk, maar iedereen wacht vol (on)geduld op het groene licht en als je in een park een bordje ziet met een pijl naar rechts, loopt niemand linksom. De mensen zijn ook enorm behulpzaam. Als je met je backpack even om je heen staat te kijken, komt er meteen iemand naar je toe om je te helpen.
Dit klinkt allemaal als het paradijs, maar het heeft ook zijn keerzijden. De hosteleigenaar in Gwangju was iets te behulpzaam. Hij zal het wel allemaal goed bedoeld hebben, maar ik kon bijna niets doen zonder dat hij over mijn schouder meekeek en me vroeg of hij kon helpen. Door de regel dat ongetrouwde koppels niet gewoon samen kunnen zijn, worden ze verplicht om hun toevlucht te nemen tot een "love motel" als ze gewoon even hun ding willen doen. Ze geloven hier ook in de "fan death" (ventilatordood). Een theorie is dat de ventilator vacuum creeert in kleine ruimtes, zoals slaapkamers. Door de sociale druk zijn er nogal wat zelfmoorden, dus wordt de "fan death" als reden aangedragen voor iemands dood om de familie de schande van de zelfmoord te besparen.
Dit land klinkt als het paradijs, maar voor mij zou het allemaal net iets minder mogen. Maar ik ben slechts op doorreis, dus ik heb de mogelijkheid om van de mooie kanten te genieten zonder me iets aan te hoeven te trekken van de keerzijden en dat is wat ik nu ook aan het doen ben. Over twee dagen ga ik terug naar Seoul, daar ik wil nog de grens met Noord-Korea bezoeken en daarna vlieg ik terug naar China om Wing Chun te studeren. Ik heb nog een visum over voor 30 dagen, dus het zou zonde zijn om daar geen gebruik van te maken.
Met een schijtvisum en een teleurgesteld gevoel ging ik weer terug naar China. De treinrit was aangenaam, maar net als de heenreis enorm benauwd. Zelfs van op het bed liggen zweette ik al als een otter. Daarnaast had ik veel instant-voer bij me dat je met kokend water moest aanmaken, dus veel verkoeling had ik ook niet. Deze treinrit bleek echter maar een voorbode te zijn van de rest van mijn tijd hier in China.
In Hong Kong had ik helemaal geen zin om te trainen en voelde me behoorlijk futloos en lui, maar mijn kick-assgevoel kwam weer meteen terug toen ik op de school aankwam. De palen en blokken lonkten naar mijn benen en ik moest me dan ook direct in mijn tenue hijsen om te gaan trainen. Na een week rust leek het alsof ik mijn benen in mijn nek kon leggen en een marathon kon lopen. Wat een heerlijk gevoel! De hele omgeving ademde ook een energie (of steer of vibe, het is maar welke naam je eraan wilt geven) die ik de grote stad niet voelde.
De eerste week was echt heerlijk, alles ging geweldig en ik bleef maar trainen. Op school gaat nu het gerucht dat ik niet menselijk ben, maar een machine. Altijd leuk om zoiets te horen. Maar ik de laatste week heb ik wel bewezen dat ik nog steeds mens ben. Het werd steeds warmer, maar mijn tijd op school was beperkt dus ik wilde er echt alles uithalen wat erin zat. Op een gegeven moment zat ik echt aan de schijterij, wat een signaal van mijn lichaam is om het rustiger aan te doen, zeker in deze hitte. Maar het was wel nog te controleren, dus besloot ik om gewoon door te knallen. Pas toen ik na een mislukte salto door mijn rug ging, besloot ik om mijn Supermanpak uit te trekken en mijn lichaam zijn nodige rust te geven. De temperatuur liep daarbij ook op tot tegen de 40 graden, dus het was ook in dat opzicht beter om te dimmen. Daarnaast deed niemand op school die dagen niets, dus ik hoefde me niet bezwaard te voelen dat ik minder deed.
In de weekenden ging ik terug naar het hostel in de stad, maar voor mijn gevoel ging altijd terug "naar Nicky", de vrouw die in dit hostel werkte en hier echt als een grote zus voor iedereen was. Maar na een ruzie met de eigenaresse, een paar dagen geleden, is ze vertrokken en met haar het huiselijke gevoel. Dus nu zit ik hier wat mijn tijd te verdoen in een hostel dat zienderogen achteruit aan het gaan is. Vandaag zijn pas de prullenbakken van eergisteren geleegd en sommige onbeslapen bedden zijn al twee dagen niet opgemaakt. In Deng Feng zijn er wel nog een paar dingen om te zien, maar eigenlijk ben ik gewoon te futloos op die te bezichtigen. Vandaag ben ik nog even terug gegaan naar school. Daar kreeg ik weer echt zin om te gaan rennen en vanalles te doen, maar in het stadje zelf hangt echt een bijna misselijk makende lucht. Vandaag valt het eerlijk gezegd nog wel mee, dus ik denk dat ik mezelf maar eens onder mijn kont ga schoppen.
Je komt trouwens heel wat vreemde gasten tegen als je in een Kung Fustadje zit. De meeste blanken zijn wel serieus, maar er zitten ook een aantal sensatietoeristen tussen. De grootste weirdo was een Amerikaan (typisch?) die zichzelf als een soort Shaman zag. "I'm a healer. I'm gonna heal the mountain and I'll be back next year", waren de laatste dingen die hij tegen mij zei. Bedankt, tot ziens en hoie!
Ik heb China nu van een heel andere kant leren kennen en ben tot de conclusie gekomen dat ik hier absoluut niet zou willen wonen. Toen ik vorig jaar rondreisde, zag ik alleen maar de mooie kanten en het plezier, maar die illusie is als een zeepbel uiteengespat. Ik heb in de afgelopen twee maanden de verrotte kanten van dit land gezien en geloof me, dat zijn er nogal wat. Simpel voorbeeld: De shifu van de school, een van de meest liefdevolle en respectabele mensen die ik ooit heb ontmoet, werd vier weken geleden bezocht door de politie en werd beboet met 1000 yuan. Reden: Hij had buitenlanders op de school en hij had niet al hun papieren in orde. Werkelijke reden: Alles was in orde, maar de shifu slijmt niet bij de overheid, dus naaien ze hem even, omdat er een jaar geleden twee Amerikanen (weer typsich?) bij hem trainden die voor overlast zorgden. Ja, ik weet het, er zijn mensen thuis dit me dit al hebben verteld. Maar ik ben hardleers.
Mijn conclusie: China kan heel mooi zijn, maar is ook verrot. Ik haal uit het land wat ik eruit kan halen en verder blijf ik er lekker weg.
Ik vond het heerlijk om weer terug op school te zijn. Iedere dag trainen, lol trappen, een lekker middagdutje en iedere avond met een voldaan gevoel het bed in kruipen. Utopia is er niets bij. Maar aan alle mooie liedjes komt voortijdig een einde als je bijvoorbeeld geen visum hebt.
De makkelijkste oplossing was om een visum aan te vragen in Zhengzhou, een busrit van 1,5 uur van DengFeng vandaan. Het leek heel erg makkelijk, maar toen ik bij het kantoor aankwam, werd ik doorverwezen naar een ander kantoor. Bovendien kreeg ik te horen dat ik een bewijs van verblijf nodig had, dat ik weer in DengFeng moest ophalen. Toch maar eerst dat ander kantoor proberen. Die Chinese muts achter het loket vond het zichtbaar genieten om mij te zien kruipen voor mijn visum. Tot overmaat van ergernis kon ik daar een visum krijgen voor maximaal 10 dagen. Achterlijke schijt...... wat ze was. Helemaal geïrriteerd keerde ik met lege handen terug. De beste oplossing bleek dan toch om op en neer te reizen naar HongKong. Een enkele rit duurde 25 uur, maar dan was het tenminste goed geregeld. Bovendien wilde ik HongKong toch al bezoeken, dus twee vliegen in een klap.
De rit naar HongKong was behoorlijk aangenaam. In het begin word je wat raar aangestaard, maar als je vriendelijk "nihau" zegt, klaren alle gezichten op en beginnen ze meteen in het Chinees te kletsen. Ik weet niet wat ik vervelender vind: Vreemde gezichten die me aanstaren, of mensen die in een volledig onbegrijpelijke taal beginnen te kletsen, waardoor ik een tomatenkop krijg. Ik moest stiekem toch wel lachen om mijn eigen onvermogen om me verstaanbaar te maken. Rond 22.00uur kwam ik aan in Shenzhen. Om over land HongKong in te mogen, moet je eerst via deze plaats de grens door de duane. Het leek precies op een vliegveld, maar het ging heel makkelijk. De metro was ook goed geregeld, dus rond middernacht en na een beetje zoeken kwam ik aan bij gebouw waar mijn hostel was. De ingang was vergeven van de Indiërs die me overal naar binnen probeerden te lokken. "My friend, come to my hostel. Yes, Tokyo Hostel is my hostel." Mijn handen begonnen te kriebelen en ik kreeg direct de neiging om mijn rechtervuist in zijn gezicht te boren. Toen ik aankwam in mijn hostel, bleek dat de Indiër, wiens gezicht ik had willen herinrichten, de waarheid sprak. Het hostel zelf was wel erg aangenaam en de eigenaar was, in tegenstelling tot zijn landgenoten, heel vriendelijk.
Het eerste punt op mijn agenda was het aanvragen van een visum. Ik had verwacht een visum voor drie maanden te krijgen, maar het beste wat kon krijgen, was een double-entry, waarbij ik maximaal een maand in het land mocht blijven. Ik begin China echt steeds meer een schijtland te vinden. De mensen zijn super, maar de overheid maakt het je echt onmogelijk om optimaal van dit land te genieten.
Nu zit ik dus in HongKong de toerist uit te hangen. Het is een mooie stad, makkelijk om rond te reizen, aardig wat dingen om te zien, maar in het centrum vind je nergens die lokale winkeltjes waar je goedkope rijst of noodlesoep kunt krijgen. Je hebt wel overal 7-Eleven, McDonalds en Starbucks, dus ik voel me nu, na vier dagen HongKong, zonder training, behoorlijk vatsig en eerlijk gezegd kan ik niet wachten tot ik morgenvroeg weer op de trein kan stappen.
Ik klink nu misschien wat negatief, maar ik heb het wel gezellig gehad hier en ik mag niet klagen. De afgelopen dagen heb ik behoorlijk veel opgetrokken met een meid uit Engeland (nee, alleen de dagen, niet de nachten), Jessica. Het is fijn om iemand om iemand te treffen met hetzelfde doel en budget als jezelf. Vreemd en toch typisch eigenlijk: Vorig jaar vond ik heerlijk om rond te trekken, om zoveel mogelijk mensen te ontmoeten, als ik met iemand langer dan twee dagen had rondgetrokken, had ik er genoeg van (uitzonderingen daargelaten), maar nu vind ik het veel fijner om meer op een plek te blijven en met dezelfde mensen om te gaan. Ik merk dat ik iedereen op school toch wel mis. Waarschijnlijk word ik een dagje ouder...
Toen ik mijn ticket boekte, koos ik voor de goedkoopste vluchtmaatschappij: Aeroflot. Als je iets van service of luxe wilt tijdens je vlucht, kies dan niet voor deze maatschappij. Geen lach kon er bij het personeel vanaf alles wat je vraag, wordt als een last gezien?bovendien is de beenruimte minimaal en zijn de maaltijden karig. Toen ik dinsdagochtend in Beijing aankwam, had ik dan ook een jetlag als een kanon. De eerste dag heb ik niet veel anders gedaan dan slapen. Voor de rest van de week was ik dan ook helemaal ontregeld?
Ik weet niet of het door de jetlag kwam?maar die eerste week zat ik niet echt lekker in mijn vel?Ik wist niet precies wat ik wilde en ik vond Beijing wat tegenvallen?Ik had alles eigenlijk al gedaan?dus met alles wat ik ondernam? voelde het alsof ik in het verleden aan het leven was?Uiteindelijk vond ik mijn inspiratie in de vorm van een stuk papier van 10 bij 15cm?Een flyer van de Shaolin Hostel in Deng Feng?met daarop een scala aan activiteiten om te ondernemen?waaronder kung-fulessen “on-site“. Ticket geboekt, op de trein gestapt, uit de trein gestapt, in de bus gestapt... Enfin, na 12 uur reizen kwam ik aan in het hostel.
Het hostel wordt gerund door een schat van een vrouw met een enorm hart en nog veel meer dat enorm is?Ze vertelde me dat ze de volgende morgen met Nick uit Engeland naar de Shaolin Tempel zou gaan voor een training van anderhalf uur ?voor zo‘n 22euro??? dus Paul moest mee en van mijn voorgenomen rust kwam weer eens niets terecht?Maar toegeven?het was het meer dan waard?Ik zou het de volgende dag wel rustig aan doen?Dikke Joep?de volgende dag stond een bezoek aan een Shaolin kung-fuschool op de planning en hier kan Paul dus geen nee tegen zeggen?En als we er toch zijn?kunnen we daar net zo goed een tijdje blijven om wat meer ervaring en kennis op te doen?Wenn schon?denn schon?
Rond 6?00uur stonden we op om rond half 8 keurig bij de school op de stoep te staan?De training begon om 8?00uur?dus had ik nog een half uur de tijd om me installeren en de chili van de vorige avond uit mijn lijf te werken?Na de introductie door de Shifu ?meester? gingen we aan de slag?Ieder van ons kreeg een leraar aangewezen?een kind dat zich kapot staat te vervelen?wat dus niet bepaald inspirerend werkt?Na een paar uur lang dezelfde oefening te hebben gedaan?was het tijd om te eten?Bovendien was mijn nieuwe mouwloze Shaolin-t-shirt helemaal nat?dus was het ook wel lekker om iets anders aan te trekken?Om 14?00uur werd dezelfde training weer hervat in de brandende zon en rond 17?30uur konden we weer aan tafel? Rond 19?00uur konden we voor jezelf te trainen?De volgende morgen begon de training weer om 6?00uur en zo herhaalt iedere dag zich?De kinderen gaan trouwens wel gewoon naar school van 8?00 tot 11?30uur?waardoor zij deze ochtendtraining niet hoeven te doen?
Nick en ik waren trouwens niet de enige buitenlanders in de school?Jonas?een jongen uit Duitsland hangt hier wat lusteloos rond?Jammer eigenlijk?want als hij bezig is?is hij ook echt goed?Dan was er nog Maria?een schat van een meid uit Spanje die hier een week ervaring op kwam doen?En dan is er nog Alexander uit Engeland?wat je zo niet aan hem zou zien?Hij ziet eruit als een gespierde Boedhhistische monnik?hij heeft een enorm hart? bruist van de levensenergie en kan echt de meest idiote dingen doen?Hij woont nu al zo’n twee jaar in deze school en hij is hier ook helemaal thuis?Als je inspiratie nodig hebt voor wat dan ook?moet je bij hem zijn?Alexander is echt zo‘n gast waar je gewoon van moet houden?Daarnaast zijn er ook Chinese leerlingen die echt geweldig zijn?Jimmy?die ik heb leren kennen in de tempel in Dali vorig jaar?is altijd vriendelijk en altijd bereid om je wat nieuws te leren?Maar de meest aimabele is Tyson?Hij is subliem als het aankomt op het gebruik van chi en hij heeft zichzelf Engels geleerd uit een boekje en te pas en te onpas gooit hij er weer een zin tegenaan waar je van in lachen uitbarst?Zo sta je heel serieus te oefenen?komt Tyson langs?“You can't make an omelet without breaking eggs." Vervolgens gniffelt hij in zijn vuist en loopt vrolijk verder. Concentratie naar de knoppen en de hele dag denk je aan niets anders meer.
Eindelijk weekend?Mijn lijf doet overal pijn?vooral in mijn benen?Ik heb me gisteren eens goed laten masseren?maar dat was een uur lang lijden?Jezus zou hier nog een puntje aan kunnen zuigen?Ik was gisteren ook misselijk en aan de diarree, waarschijnlijk door een zonnesteek?maar vandaag voel ik me al veel beter?Morgen begint de training weer?dus vandaag is rustig aan doen nog steeds het devies?
Ik heb hier voorlopig mijn plek wel gevonden?dus ik zal hier nog wel een tijdje blijven?Hopelijk kan ik mijn visum met in ieder geval een maand verlengen?zodat ik genoeg tijd in deze school kan blijven doorbrengen?
Laat je e-mail achter en ik stuur je een mailtje als ik een nieuw verhaal of nieuwe foto's op de site heb gezet.